In de wet wordt bepaald wie de erfgenamen zijn van een overledene (die in het erfrecht de erflater wordt genoemd) als de overledene geen testament heeft gemaakt. Met een testament kan van de wettelijke regeling ten aanzien van de erfgenamen worden afgeweken.

In een testament kunnen andere personen dan de wettelijke erfgenamen tot erfgenaam worden benoemd en een in de wet genoemde erfgenaam kan juist (impliciet of expliciet) worden uitgesloten. Door een wettelijke erfgenaam in het testament uit te sluiten, is deze persoon geen erfgenaam meer.

onterving via het testament

Bij testament kan een erfgenaam op deze wijze dus worden onterfd. Het gevolg van een onterving in een testament is dat er door de onterfde persoon niets meer geërfd wordt en dat hij of zij uit de nalatenschap niets krijgt als erfgenaam. Volledige onterving is echter niet mogelijk als het gaat om een kind van de erflater. De wet biedt kinderen van de erflater bescherming via de zogeheten legitieme portie (ook wel: het kindsdeel). Kinderen die zijn onterfd kunnen daar een beroep doen (en via plaatsvervulling soms ook kleinkinderen). De regeling van de legitieme portie geldt niet voor andere onterfde personen, zoals een echtgenoot, ouders of andere familieleden.

de legitieme portie

De legitieme portie is een geldvordering waarvan de hoogte wordt berekend aan de hand van de waarde van de nalatenschap en enkele in de wet genoemde schulden en giften die de erflater bij leven heeft gedaan. De omvang van de legitieme portie komt – simpel gezegd – neer op de helft van het erfdeel dat een kind op grond van de wet zou toekomen als er geen testament zou zijn gemaakt. Een legitieme portie is altijd een geldbedrag; er is geen recht op bijvoorbeeld goederen van de overledene.

Een legitieme portie wordt niet automatisch toegekend. Er zal (actief) aanspraak op moeten worden gemaakt. Een aanspraak op de legitieme portie moet in beginsel binnen vijf jaar na het overlijden van de erflater worden gedaan. Een belanghebbende kan deze termijn echter verkorten middels een termijnstelling.

discussie over de legitieme portie

De wettelijke regeling van de legitieme portie staat in Nederland regelmatig ter discussie. Een argument tegen de regeling van de legitieme portie is dat velen vinden dat het mogelijk moet zijn een volwassen kind te onterven; ouders moet vrij zijn om zelf te kunnen bepalen wat zij met hun vermogen doen na hun overlijden.

In een recente procedure bij het Gerechtshof Amsterdam vorderde een erfgenaam de wettelijke regeling van de legitieme portie buiten toepassing te verklaren vanwege strijd met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). Kort gezegd stelde de erfgenaam in deze procedure dat de legitieme portie inbreuk maakt op het eigendomsrecht van de erflater, omdat de erflater niet zelf kan bepalen aan wie zijn vermogen na diens overlijden toekomt. Het recht om over eigendom te beschikken is een wezenlijk onderdeel van het recht op eigendom dat door het EVRM wordt gegarandeerd. Het Gerechtshof Amsterdam overweegt in voornoemd arrest dat met de regeling van de legitieme portie beoogd is recht te doen aan maatschappelijke opvattingen op grond waarvan (o.a.) het gezin bescherming behoeft, de kinderen zoveel mogelijk gelijk worden behandeld, de kinderen worden beschermd tegen bevoordeling van willekeurige derden en de erflater wordt beschermd tegen beïnvloeding door derden. De legitieme portie strekt er volgens het Gerechtshof Amsterdam toe het algemeen belang te dienen, waardoor er geen sprake is van strijd met het EVRM.

niet altijd verstandig aanspraak te maken op de legitieme portie

Het is niet altijd de aangewezen weg aanspraak te maken op de legitieme portie te doen, bijvoorbeeld bij een andere verkrijging uit de erfenis of een schenking in het verleden.

Wilt u meer informatie over de legitieme portie of een ander erfrechtelijke aangelegenheid? Neem contact op met één van onze erfrechtspecialisten voor een vrijblijvend gesprek.