Vanaf 1 januari 2016 wordt de maximale duur van de WW-uitkering teruggebracht. Vanaf 1 juli 2015 is een andere wijziging in de WW van kracht, namelijk een inkomensverrekening.

Tijdens de WW-uitkering mag degene die de uitkering ontvangt en daarnaast inkomsten uit arbeid heeft, deze inkomsten voor 30% behouden. De bedoeling is dat een WW-gerechtigde wordt gestimuleerd inkomen te verwerven.

duur WW-uitkering

De maximale duur van de WW-uitkering was 38 maanden. Vanaf 1 januari 2016 is de maximale duur 37 maanden. De WW-uitkering wordt stap voor stap teruggebracht met één maand per kwartaal. Dit betekent dat vanaf 2019 de maximale duur van de WW-uitkering twee jaar zal bedragen. Iedereen die na 1 januari 2016 een WW-uitkering ontvangt, heeft met de nieuwe wettelijke bepalingen te maken.

In geval van ontslag op 1 januari 2016 geldt nog een maximale WW-duur van 37 maanden. Een ontslag op 31 december 2015 geeft nog een aanspraak op maximaal 38 maanden WW-rechten.

Ook wordt de opbouw van WW-rechten aangepast. Gedurende de eerste tien jaar wordt per gewerkt jaar één maand WW-recht opgebouwd. Na de periode van tien jaar wordt per gewerkt jaar een halve maand WW-recht opgebouwd. De WW-rechten die zijn opgebouwd voor 1 januari 2016 blijven tellen voor één maand WW-recht.

hoogte WW-uitkering

De hoogte van de WW-uitkering blijft gelijk. Dit betekent dat over de eerste twee maanden 75% van het laatstverdiende dagloon wordt betaald en daarna 70%, een en ander met een maximum van 75% respectievelijk 70% van het maximum dagloon.

wijze van betaling

Vanaf 1 juli 2015 geldt een nieuwe betalingssystematiek. Een WW-uitkering wordt per kalendermaand betaald en vindt achteraf, na afloop van de kalendermaand, plaats. In deze maand kan worden doorgegeven hetgeen de WW-gerechtigde heeft verdiend, waarna de hoogte van de WW-uitkering wordt vastgesteld.